Ga direct naar inhoud
Ook de nieuwsbrief van Stelling van Amsterdam ontvangen? Schrijf je in!

Nationale Bierbank op Fort bij Spijkerboor

Forten worden vaak gebruikt voor de opslag van wijn, maar wie wist dat forten ook heel geschikt zijn voor het bewaren van bier? Fort bij Spijkerboor huisvest sinds juni dit jaar de Nationale Bierbank. Een plek waar mooie, donkere bieren worden opgeslagen om te rijpen zodat de smaak verder ontwikkelt. Fiona de Lange en Felix Wilbrink wonnen afgelopen oktober met dit initiatief de Gouden Pint, een belangrijke bierprijs in Nederland. Hoe is het idee ontstaan voor een Nationale Bierbank en waarom kozen zij juist voor een fort om bieren te bewaren?

Door Mascha Dammers

Nationale bierbank 1

Biersommelier Fiona de Lange is al twintig jaar gepassioneerd bezig met bier. Zij experimenteerde thuis met het bewaren van verschillende bieren en ontdekte de smaaksensatie die dit met zich meebracht. De Lange vond dat dit bij een groot publiek bekend moest worden. Weinig mensen hebben thuis goede condities en ruimte om bier te bewaren. In gesprekken met culinair journalist Felix Wilbrink kwamen ideeën bij elkaar. Zij zochten naar een ludieke manier om bier te bewaren. Het moest een donkere locatie worden met een constante temperatuur, zoals een kelder of een fort. De Lange en Wilbrink bezochten diverse forten van de Stelling van Amsterdam en deden hier gedurende acht maanden onderzoek naar de temperatuur. Dat bleek heel gunstig te zijn. Het duo raakte in gesprek met Natuurmonumenten. Zij waren enthousiast met als gevolg dat de eerste bierkelder, met ruimte voor maar liefst 4.500 flessen, in juni dit jaar op Fort bij Spijkerboor opende. Een tweede kelder opende een paar maanden later achter de dikke muren van Fort aan de Middenweg. In de twee forten worden exclusieve bieren bewaard die voor rijping toegankelijk zijn. De Val Dieu Grand Cru is bijvoorbeeld bijna niet verkrijgbaar. Ook de Texelse Stormbock en de Ongelovige Thomas van Jopen doen het goed.

Nationale bierbank 2

De Lange en Wilbrink werken in nauwe samenwerking met fortwachter Xander Meijers. Hij beheert het fort en heeft de sleutel. Hij denkt mee over de invulling van de bieravonden en kent bijvoorbeeld veel leveranciers in de regio.

Natuurmonumenten, eigenaar van het fort, is blij met het concept. Het spreekt hen aan dat bier brouwen en bewaren een ambacht is waar een verhaal aan zit. Fiona de Lange is onder de indruk van Fort bij Spijkerboor. ‘Er is zoveel bewaard gebleven, zoals de schilderingen en de geschutskoepel. De ligging en de omringende natuur is prachtig. De plek straalt een enorme rust uit.’ En rust is ook precies wat de bieren in het bewaarproces nodig hebben. Bij de bierproefavonden die het duo organiseert, merken zij dat bezoekers erg geïnteresseerd zijn in het fort en haar geschiedenis. ‘Het fort heeft een bijzondere ambiance en maakt onderdeel uit van de beleving. Het is heel wat anders dan bier proeven in een café,’ zegt De Lange. Het trekt ook weer andere partijen aan die op zoek zijn naar een unieke locatie, zoals bijvoorbeeld de Vakopleiding Horeca of de Belastingdienst.

Nationale bierbank 3

De bieravonden zijn vanwege de combinatie van de thema’s bier, spijs en cultuurhistorie veelzijdig. Het publiek krijgt, in samenwerking met de vrijwilligers van Natuurmonumenten, een rondleiding door het fort. Vervolgens komen de mooiste, meest rijpe en bijzondere bieren met een bijbehorende gastronomische beleving op tafel. Zo is er bijvoorbeeld een ambachtelijke worstenmaker of een kaasspecialist aanwezig. Laatst was er ook een oesterman. ‘In combinatie met stout bier zijn oesters heel verrassend,’ vertelt Fiona de Lange. Het ziltige element van de oesters wordt dan gecombineerd met het moutige karakter van het bier. Stout bier is vrij hard en bitter. Dit wordt door de oesters in een keer weggenomen.’

 

geüpload 13-01-2015

naar boven

Begaanbaar deel van een inundatie in de vorm van een hooggelegen terrein, een weg, (spoor)dijk of een waterweg.

Verdedigingswerk dat een acces verdedigt

Onderstel voor een vuurwapen

Ook wel bolwerk. Vijfhoekige uitbouw van waaruit flankerend vuur kan worden gegeven.

Samenvoeging van een aantal stukken geschut in één organisatie.

Door een aarden wal van de vijand afgeschermde weg waarlangs manschappen en materieel konden worden verplaatst.

Het door metselwerk, beton of grondlaag bestand zijn van een gebouw tegen geschutsvuur.

Beschutte plek van waaruit de verdedigers de vijand kunnen bestoken.

Granaat gevuld met hoogexplosieve springstof.

Een (lage) uitbouw in een gracht van waaruit flankerend vuur kan worden gegeven.

Ook wel schotbalksluis. Tijdelijke waterkering, door het stapelen van balken in uitsparingen, om het water van een inundatie tegen te houden.

Militaire oefening

Zijwaarts gericht vuur.Groot flankement: ondersteunend vuur naar de nevenforten. Klein flankement: vuur dat de eigen omgeving van het verdedigingwerk bestrijkt.

Naar de vijand gericht deel van een verdedigingsweg.

Een onderdeel van het leger dat o.a. als taak heeft om tijdelijke en permanente verdedigingswerken te bouwen. De naam is afgeleid van het Franse woord ingenieur.

(houten) Loods waarin artillerie- en geniemateriaal werd opgeslagen.

Verzamelnaam voor vuurmonden.

Flauw aflopend talud dat buiten de fortgracht ligt en dat vanaf de frontwal met vuur kan worden bestreken.

(Betonnen) onderkomen voor manschappen, in de jaren ’30 onder andere toegevoegd aan het oostfront van de Vesting Holland.

Pantserkoepel die tijdens het geven van vuur omhoog wordt geheven om in rust weer te verzinken en onzichtbaar te worden.

Tabel die is aangebracht naast de geschutsopening om de bedieners van het geschut inzicht te geven in afstanden tot de doelen en de daarmee samenhangende geschutshoeken.

Onderwaterzetting waarmee een vijand op afstand wordt gehouden.

Ook wel inlaatsluis. Sluis die is aangelegd met als doel om water in een bepaald gebied in te laten.

Ruimte die tegen vijandelijk vuur is gedekt en die is voorzien van een schietgat waarachter een vuurwapen wordt opgesteld.

Van de vijand afgekeerde zijde van een verdedigingswerk.

In de forten van de Stelling van Amsterdam is het een kazemat aan de keelzijde van een fort waarmee flankerend vuur op het voorterrein van de buurforten wordt gegeven en van waaruit de keelzijde wordt verdedigd.

Wet van januari 1853, waarin beperkingen waren opgenomen met betrekking tot het bouwen in de nabijheid van verdedigingswerken, de zgn. verboden kringen, om een vrij schootsveld te waarborgen.

Lineair stelsel van samenhangende verdedigingwerken.

Batterij die in de onmiddellijke nabijheid van een verdedigingswerk ligt en die taken uitvoert die vallen onder dit verdedigingswerk.

Waterzuiveringsinrichting die de kwaliteit van het drinkwater verbetert door er ijzer aan te onttrekken.

Stelling waarin terugtrekkende troepen kunnen worden opgenomen.

Batterij die achter pantserplaten is opgesteld.

Fort met één of meerdere gepantserde geschutsopstellingen.

Draaibare gepantserde geschutsopstelling.

Geschut voor frontaal vuur over grote afstand, direct gericht op de vijandelijke posities.

Vuur dat er op is gericht om vijandelijke artillerie uit te schakelen

Eenvoudig (tijdelijk) verdedigingswerk met kleine bezetting.

Ondergrondse, bomvrije verbindingsgang.

Laatste toevluchtsplek voor de verdedigers binnen een verdedigingswerk, dat zelfstandig kan worden verdedigd.

Bomvrije bergplaats voor geschut of ander onmisbaar materieel.

Gedeelte van en terrein dat onder vuur kan worden genomen.

Open binnenruimte van een fort.

Grondplan of plattegrond.

Benaming van het verband dat in 1922 ontstond door de samenvoeging van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, de Stelling van Amsterdam en het zuidelijk rivierenfront.

Wet van 18 april 1874 waarin de vestingwerken werden bepaald die deel uit gingen maken van de landsverdediging.

Aarden ophoging rond een verdedigingswerk, voorzien van een borstwering.